Open GROZ avond ‘Migratie en Ontwikkeling’

op woensdag 6 juni 2012.

Verslag opgemaakt door J. Goethals (AZIZ) en nagelezen door de sprekers.

 

Koen Detavernier (beleidsmedewerker 11 11 11):

Een complexe verhouding

 

-          Migratie is er altijd geweest. Constant telt de wereldbevolking 2,5 à 3 % migranten. Nu 214 miljoen ‘internationale’ migranten. Zuid-Zuid migratie is op zijn minst even groot als de Zuid-Noord migratie. Niet langer mannenzaak

-          Ontwikkelingssamenwerking (lange termijn) is niet bij machte om migratie (korte termijn) tegen te houden, beide terreinen hebben eigen perspectief en andere doelstellingen.

-          EU-beleid om migratie te beheersen is gericht op korte termijn. Grote budgetten om mensen tegen te houden d.m.v FRONTEX aan buitengrenzen EU en aan de Z-grenzen van de N-Afrikaanse staten. Incoherent beleid, o.a. met visserijakkoorden. Onze bevolking ziet de ellende van de migranten niet met de doden in de woestijn en de doden op de Middellandse zee (1500 personen in 2011).  

Welke factoren zetten migratie in gang vanuit de herkomstlanden (push –factoren)?

          gebrek aan perspectief / armoede/ ongelijkheid

          vluchten voor conflict, politieke vervolging, discriminatie

          verhuizen omwille van degradatie leefomgeving (klimaatverandering)

          geen waardige alternatieven thuis (niemand migreert uit vrije wil)

Welke factoren trekken migranten aan (pull-factoren)?

          nood aan arbeidskrachten, aanbod van (zwart) werk

          demografische tekorten

          bloeiende economie in welvarende landen (opvang die men krijgt is geen pull factor)

Wanneer is migratie lonend?

a)    voor de migranten zelf:

- indien ze sterke rechtspositie bekomen (met conventies over rechten van migranten, met bescherming tegen misbruik, arbeidsrecht los van verblijfsstatuut)

- indien er niet alleen rekening wordt gehouden met mannen (zoals met knelpuntberoepen), maar er ook legale migratiemogelijkheden zijn voor vrouwen(beroepen)

            - als herkomstlanden een ondersteuning geven aan hun arbeidsmigranten (voorbeeld Filippijnen)

     b)   voor de herkomstlanden

- als migranten in staat worden gesteld om te werken en economisch vooruit te gaan

- diasporaverenigingen gaan projecten in hun herkomstland financieren

-  remittances = opsturen van geld naar achtergebleven familie.  Deze bedragen zijn tegenwoordig veel hoger dan ontwikkelingsbudgetten. Ze zijn echter vooral gericht op korte termijnbehoeften van eigen familie. Terwijl ontwikkelingsbudgetten gericht zijn op lange termijn en gemeenschappen.

-  migrant ‘boom towns’ = integrale ontwikkeling van centra met opgestuurd geld

     c)   voor de landen van bestemming

- tekorten op arbeidsmarkt worden ingevuld met ongeschoolde /geschoolde arbeid

            - demografische tekorten (in 2050 50 mio Europeanen MINDER op arbeidsmarkt)

- werk en bijdragen van migranten helpen het sociaal model in stand te houden en economische groei te realiseren

Er is een echt migratiebeleid nodig. Maar welk migratiebeleid?

          het moet evenwichtig zijn. Nu is er een eenzijdig restrictief beleid: Frontex bewaakt de grenzen, landen (N-Afrika, West-Afrika) worden onder druk gezet om terugname akkoorden aan te gaan

          zowel het migratie- als het ontwikkelingsbeleid moeten steunen op mensenrechten én op economische principes.

          er moeten kansen voorzien worden voor alle scholingsniveaus (en niet zoals nu alleen voor hooggeschoolden)

          als er beperkingen nodig zijn, dan enkel om mensenrechten hier en ginder te garanderen.

 

Jozef De Witte (directeur van het Centrum voor Gelijke kansen en voor Racismebestrijding)

 

De statutaire opdracht voor het CGKR heeft 2 pijlers:

-          migratie: d.w.z. de overheid informeren over grootte en aard van de migratiestromen; waken over respect voor de grondrechten van vreemdelingen; stimuleren van de strijd tegen mensenhandel

-          discriminatie bestrijden en gelijke kansen bevorderen. Afwegen wat de impact van bepaalde beslissingen is op bepaalde rechten.

 

Cijfers.

-          Zie het meest recente rapport “Migraties en Migrantenpopulaties in België. Statistisch en demografisch verslag”, 2010.  Sinds 1980 groeit het saldo van immigratie t.o.v. emigratie praktisch constant aan. In 2010 was dit saldo ongeveer 85.000 (een stad als Mechelen)

-          België 2012. Op een populatie van ruim 11.000.000 zijn er ruim 1.000.000 niet-Belgen. 2/3 van hen zijn EU-migranten die zelden de Belgische nationaliteit vragen.

-          Het aantal vreemdelingen stagneert, het aantal personen van vreemde afkomst stijgt. Want veel niet-EU-ers vragen Belgische nationaliteit aan. Als men Belgen van vreemde afkomst en met minstens één ouder van vreemde afkomst meerekent zijn er 2.500.000 personen van vreemde afkomst.

 

België en andere welvarende EU-landen zijn reële migratielanden à beleid is nodig. Met 4 pijlers

-          visie op lange termijn. Met respect voor de mensenrechten (UVRM, art 13, en het EVRM). Het probleem is de huidige scheve migratie (van arm naar rijk). Niet gemakkelijk op te lossen, want in hoeverre moeten we de armen in België opofferen voor de armen van de wereld? Er is wel een massale investering in die arme landen nodig.

-          rechtenbenadering. (vergelijk Koen Detavernier)

-          instrumenten. Voorbeeld: België heeft een goed asielwetgeving, maar gebrek aan middelen en organisatie.

-          cijfergegevens. Te weinig met als gevolg dat veel migratiemaatregelen niet gebaseerd zijn op gegevens, alleen op inschattingen en (voor)oordelen..

Met in acht name van de legitieme belangen van 3 partijen: herkomstlanden, aankomstlanden, migranten zelf.

Er is nood aan een migratiedebat: het publiek is ofwel niet (objectief) geïnformeerd of is gekant tegen migranten. Er is nood aan objectieve info voor het publiek; want politiek volgt (teveel) het emo-gevoel van publiek.

 

Anne Dussart (Diensthoofd Caritas International België)

Reïntegratie in land van herkomst met oog op duurzame terugkeer

 

Caritas International werd opgericht in 1948. Met 2 operationele departementen:

-          internationale (ontwikkelings)samenwerking: noodhulp, rehabilitatie, ontwikkelingsprojecten gericht op voedselzekerheid

-          asiel en migratie: opvang en begeleiding van asielzoekers in individuele woningen, sociale dienst, bezoek gesloten centra, begeleiding op maat van erkende vluchtelingen, voogdij van niet-begeleide minderjarigen, familiehereniging, vrijwillige terugkeer en reïntegratie na vrijwillige terugkeer.

 

Caritas International is sinds 1984 partner van IOM (Internationale Organisatie voor Migratie) voor het programma vrijwillige terugkeer. Na ervaringen in ex-Sovjetlanden, wordt nu wereldwijd gewerkt met begeleiding na terugkeer. Ook met steun van het Europees Terugkeer Fonds.

 

Doelgroep: asielzoekers en migranten die vrijwillig wensen terug te keren (heden steeds meer beperkingen voor ‘vrijwilligheid’), kwetsbaren (zwangere vrouwen, minderjarigen, oudere of zieke personen), personen die een microbusiness willen opstarten en willen samenwerken met een lokale partner.  Budget: 2200 € voor 300 personen.

 

Binnen het Europese ERSO-netwerk is Caritas België gericht op Marokko, Kameroen, Senegal, Togo.

 

Welke informatie is nodig voor wie wil vertrekken?

-          omvang van de mogelijke ondersteuning; financieel en/of sociaal advies

-          opzoekingen ter plaatse, vragen aan de lokale partner

Als de persoon beslist om terug te keren:

-          interview om over een algemeen beeld te krijgen van de terugkeerder: situatie voor vertrek, na vertrek en concrete plannen

-          bespreking van zijn project bij terugkeer (business plan), of van medische problemen

-          contact met de lokale partner om informatie en advies in te winnen

-          ondertekening van een contract + concrete gegevens van de lokale partner

 

Mevr. Dussart laat enkele voorbeelden zien en geeft enkele algemene bedenkingen:

Volgens UNHCR (UN Hoog Commissariaat voor Vluchtelingen en Staatlozen) is terugkeer een optie voor een duurzame oplossing. MAAR:

-          de terugkeerder moet voldoende voorbereidingstijd krijgen

-          de terugkeerder moet in het land van herkomst kunnen rekenen op steun van een lokale partner maar ook op een breder netwerk van hulp

-          beleid mag terugkeer niet als eenzijdige oplossing voor mensen zonder papieren en uitgeprocedeerden naar voor schuiven, maar er moet voldoende sensibilisering zijn over de daadwerkelijke situatie van migranten in EU

 

De ‘menselijke waardigheid’ moet centraal staan in debatten over Migratie en Ontwikkeling

-          er moet beleid en ontwikkelingssamenwerking zijn om armoede te verminderen

-          migratie moet een optie kunnen zijn, geen noodzaak door uitzichtloosheid in herkomstland

-          er zijn normale wegen voor arbeidsmigratie nodig, en er moet ook aandacht zijn voor circulaire migratie.

 

André Irabishohoje, Belg van Ruandese afkomst, getuigenis

 

       in Ruanda: leraar, inspecteur onderwijs, vicegouverneur Ruanda

       1992 – 1994 : post universitaire opleiding aan de Universiteit Antwerpen

       1994: genocide in Rwanda

       1994 – 1997: aanvraag tot de statuut van vluchteling in België

       1997-1998: aanvraag tot naturalisatie

 

Herinneringen uit deze aankomstperiode:

 

Na verkrijging van het vluchtelingenstatuut en de naturalisatie tot Belgisch burger:

 

MIGRATIE IS EEN UNIVERSELE EN MENSELIJKE GEBEURTENIS.

       Dagelijkse Zuid-Zuid migratie (economisch en politiek) 

       Zuid–Zuid migratie groter dan de Zuid-Noord migratie

       Zoektocht naar vrijheid en vooruitgang als motivatie

       zowel in Zuid als Noord worden migranten beschouwd als vreemden/allochtonen en dit is een belemmerende factor bij de integratie. 

 

Enkele vragen van het publiek

 

Veel tijd van de vragensessie werd ingenomen door opmerkingen over misbruiken van de kant van migranten, hun aanval op ons welvaartmodel, dat België meer migranten zou aantrekken dan onze buurlanden, dat de sprekers teveel over rechten (van de migranten) spraken en niet over plichten.

De sprekers antwoordden dat ze over mensenrechten hebben gesproken, waar het beleid tot nu toe te weinig aandacht voor heeft. Plichten gelden voor iedereen zowel voor migranten als voor ingezeten burgers. Er zijn fouten bij migranten, maar evengoed bij de ingezeten bevolking. Het Belgische zwart werk circuit wordt in stand gehouden door ingezetenen zelf. Wie de cijfergegevens bekijkt ziet dat België evenveel migranten heeft als andere welvarende EU-landen; migratie heeft immers met economie te maken.

 

Heeft België het VN-verdrag over de Rechten van Migrerende Werknemers en hun Gezinsleden al geratificeerd? De Witte: geen enkel EU-land heeft al geratificeerd. Dit is tragisch en onbegrijpelijk omdat onze wetgeving praktisch al met dit verdrag overeenstemt.

 

Is de aanpak van begeleide terugkeer geen ongelooflijk klein druppeltje?  Dussart: ja, maar wel effectief omdat deze vorm van terugkeer de waardigheid van de personen respecteert.